Huispijporgel / Koororgel met Midi interface

Ontwerp huis- koororgel (Opus 5)
Op de foto hiernaast de tekening van het grote orgel dat in aanbouw is.
Het geraamte van de orgelkas is van blank eiken. Er worden gekleurde panelen in gezet. Dit gebeurt pas als het binnenwerk grotendeels klaar is.
Het orgel wordt geheel demontabel zodat het in niet al teveel tijd te verplaatsen is. De complete samenbouw plus stemmen neemt dan ongeveer één week in beslag.

Het orgel is gemaakt van uitsluitend hoogwaardige materialen, zoals Eiken-, Beuken- Berken- Oregonpine- Padouk voor constructie en mechaniek. messing en RVS, en schapenleer voor de afdichtingen.
De drie klavieren zijn gemaakt op de oude ambachtelijke manier: alle toetsen zijn per klavier uit één samengestelde plank (Oregonpine) gezaagd. De ondertoetsen zijn voorzien van kunstivoor van GPS Agencies (UK). De boventoetsen zijn van Padouk, een mooie rode houtsoort, klik s.v.p. op de betreffende pagina. Ook de registertrekkers worden voorzien van gedraaide knoppen van Padouk met tekstschildjes van porselein.

De windmachine is voorzien van een zwemmerbalg met gordijnregelaar.
Er komt een dubbelwerkende mechanische tremulant in het orgel.
De Holpijp 8' is m.u.v. het Grootoctaaf te zien op mijn positief/ Intoneerlade.

 Dispositie 

Hoofdwerk (Manu aal I)                    Borstwerk (Manuaal II)
Holpijp 8'                                            Quintadeen 8’ 
Prestant 8’ (transmissie O4' en HP)              Dwarsfluit 8’ (vanaf g0)
Dulciaan 8’ (vanaf f0)
Octaaf 4’                                            Spilfluit 4’ 
Superoctaaf 2’                                    Concertfluit 2’
Quint 2 2/3’ vanaf g0  (D)                                   Flageolet 1’ (vanaf f0)
Terts 1 3/5 vanaf g0 (D)
Sesquialter 2st (D)
Cornet decomposé 3st (D)
 
Koppelklavier (Manuaal III) 
Dit klavier werkt rechtstreeks op de beide windladen zonder tussenkomst van Manuaal I of II, hierdoor is de speelaard lichter dan bij gebruik van koppelingen.

Muzikaal/artistiek voordeel van een koppelklavier: 
Er kan altijd op manuaal I én manuaal II worden gespeeld, dit is met de gebruikelijke klavierkoppelingen niet mogelijk. Er kan daarbij steeds 1 klavier niet meer zelfstandig worden gebruikt

Pedaal
Vrij pedaal met een Subbas 16'en een Kromhoorn 8' met houten bekers, beide registers achter het orgel.
Koppelingen: P > Hoofdwerk en P > Borstwerk (niet aan beiden tegelijk)

Speelhulpen: 
* Elektrisch aangedreven tremulant op manuaal I (Hoofdwerk) of II (Borstwerk). De balgjes daarvan werken tevens als stootbalg.
* Pedaalkoppelingen:  P/ Hoofdwerk/ Borstwerk
* Digitale Akoestiekverbetering: Alesis
Door het bijna volledig ontbreken van een goede akoestiek in kleine ruimten zoals een huiskamer klinkt een orgel nogal "droog", door het toepassen van een goede kunstmatige nagalm is dit probleem (ten dele!) uit de wereld.

Tractuur: Mechanisch én elektrisch
De tractuur wordt voor de manualen mechanisch én elektrisch. Voor het pedaal elektrisch. 

Midi interface: 
Het orgel wordt ook voorzien van een MIDI interface en contactloze (Hall) toetscontacten, zodat er ook met Hauptwerk of PC-orgel of soortgelijke programma's op kan worden gespeeld. Ook wordt het mogelijk om midi-bestanden die op dit, of andere orgels zijn opgenomen automatisch (eventueel na correctie) door het orgel te laten afspelen. Er is dus niet persé een organist nodig!

Orgelkas:
Zelfdragende constructie van blank eiken, panelen geschilderd berken
Het orgel is geheel demontabel, zowel in units als in losse onderdelen.
De tractuur blijft  bij demontage grotendeels in takt.
De pijpenvelden in het front worden afsluitbaar d.m.v. vleugeldeuren, met zeer toepasselijk; een vlinderdecoratie. Dit om het geluid te kunnen dempen en ter bescherming voor stof.